dinsdag 7 december 2010

Surinaamse binnenlandse oorlog en vrede

Revolutie in Suriname. Beelden van oorlog en democratie. Een foto-impressie uit kranten en magazines over de binnenlandse oorlog. De Binnenlandse Oorlog was een burgeroorlog in Suriname, die tussen 1986 en 1992 werd uitgevochten. De oorlog werd gevoerd tussen de toenmalige legerleider Desi Bouterse en zijn voormalige lijfwacht Ronnie Brunswijk, die van oorsprong een Marron (bosneger) is. Er vielen ongeveer 387 doden. (Bron Wikipedia)


Binnenlandse oorlog 1986 -1990


Het jungle-commando op mars naar Paramaribo
"De Surinaamse legerleider Desi Bouterse heeft deze week de strijd opgevoerd in Oost-Suriname opgevoerd door de tactiek van de verschroeide aarde toe te passen. Het resultaat is een complete chaos, met uitgemoorde en platgebrande bosnegerdorpen. Maar de opstandelingen laten zich hierdoor niet intimideren. Zij wachten op anti-tank wapens om naar Paramaribo te kunnen doorstomen." (Elsevier, 6 december 1986)

Interview Ronnie Brunswijk
Toen u lijfwacht was van Bouterse kon u het goed met hem vinden?
Ja, we hadden een goede relatie
Waar ging het verkeerd?
Toen ik zag hij alles voor zichzelf deed en niet voor de totale Surinaamse bevolking. Toen ik dat zag heb ik besloten om niet hem door te werken. Hij deed allemaal beloften die hij niet nakwam. Zo veel. Het gaat niet alleen om geld, dat heeft hij ook beloofd, maar niks. Hij heeft ook beloofd dat er weer vrije verkiezingen zouden komen, daar niks van terecht gekomen. (Parool 3 november 1986)

Mopi Kondre
De resten van het dorp Mopi Kondre aan Marowijne rivier. Twee dagen lang bestookten vliegtuigen van Bouterse deze plaats vanaf de rivier. Alle inwoners zijn gevlucht naar Frans Guyana. (Nieuwe Revu 24 oktober 1986)

Aan het Front in SurinameOp weg naar het Front. Met jachtgeweren en karabijnen wordt de aanval ingezet. " Twee bazooka's en we staan binnen twee weken in Paramaribo." (Nieuwe Revu 24 oktober 1986)

Mislukte aanval (1986)
Interview met Ronnie Brunwijk.
De aanval op de Commewijnebrug bij Stolkertvijver, op de grote weg naar Paramaribo is mislukt. Wat ging er mis?
"Het is niet goed afgelopen omdat ze niet gewerkt hebben volgens het plan wat ik gemaakt heb. Ze hebben een heel ander systeem gebruikt, dat helemaal niet klopte."
Wat was de bedoeling van de operatie?
"De bedoeling was de twee pantserwapens die de brug bewaakt te overmeesteren. En eventueel de plaats daar vast te houden. Dus het Commewijnegebied in het bezit van het Junglecommando te brengen."
De organisatie deugde niet?
"U heeft het zelf gezien. Op een groep van 37 man waren er vier commandanten die samen moesten werken. Die mannen kregen een misterverstand, ze hebben elkaar niet goed verstaan, de boel is in de war gekomen."
Op de foto wordt een lid van het Junglecommando, die bij de aanval op de Commewijnebrug gewond raakte, door zijn makkers geholpen. (Parool, 3 november 1986)

Spion
De bouterse-spion (rechts op de foto). De 24 jarige winkelbediende uit St.Laurent verdiende honderd dollar per dag voor zijn werk. Politiek motieven speelden geen rol. " Ik was uit op geld." Naast hem een oudere collega. (Nieuwe Revu 24 oktober 1986)

Het lot van spionnen en krijgsgevangen
Passage uit het boek 'Suriname na de binnenlandse oorlog':
Ex-commandant Wens beschrijft hoe vanuit hier de legerpost Aurora werd overvallen om wapens buit te maken. Met het oorlogsrecht nam hij het – onder het mom dat zij als guerrillastrijders niet aan regels gebonden waren – niet zo nauw. Zijn beleid ten aanzien van krijgsgevangenen was: doodschieten. ‘Ik maak geen grap! Ik kon ze niet voeden en geen wacht bij ze plaatsen om ze te bewaken. En ze laten lopen? Nee!’ Bij onze ontstelde blik geeft hij toe: ‘Ja,ik ben wreed, tot nu toe ben ik wreed.’ Hij schat dat er in Boven-Suriname vijf krijgsgevangenen zijn geliquideerd. ‘Wens schept op. In zijn nádeel,’constateert oom Leo droogjes, als we hem het verhaal voorleggen. Een gruwelijk oorlogsverhaal dat circuleert en dat zowel oom Leo als Brunswijk bevestigt, is dat van de Javaan die door het Jungle Commando vermoord en in stukken gesneden in een emmer werd gestopt. In een korjaal voorzien van een witte vlag plus brief – ‘Zeg aan Bouta, we hebben zoutvlees voor hem gestuurd’ – spoelde de boot stroomafwaarts aan bij de volgende militaire post. Wens had zijn mannen opdracht tot liquidatie gegeven, maar niet gezegd hoé. ‘Toch,’ komt Wens terug op zijn eerdere verhaal, ‘werden krijgsgevangenen niet gemarteld of mishandeld. Spionnen wel! We martelden ze om ze aan de praat te krijgen.’ Met een verwijzing naar het heden betoogt hij: ‘In Irak worden ze onthoofd! Dat deden wij niet.’Wens gaat er blijkbaar vanuit dat de amnestiebepalingen in het vredesakkoord hem vrijpleiten. Dat moet de reden zijn waarom hij zo vrijelijk praat. Soms zelfs op een lugubere manier pocht. (Uit: Suriname na de binnenlandse oorlog - Ellen de Vries 2005)

Foto: Geboeid in het junglekamp. Deze twee mannen worden verdacht van spionage. Rechts een, administrateur van 36 jaar oud, links een landbouwkundig voorlichtingsambtenaar en 40 jaar oud. De volgende dag lopen ze vrij rond in het kamp. " Ik heb geen eten voor de gevangenen, " zegt Ronnie Brunswijk. " Meedoen of terug naar huis." (Nieuwe Revu, 24 oktober 1986)

Edgar Wijngaarde op bezoek bij Brunswijk
Op de kade staat Edgar Wijngaarde, Surinaams zakenman en eens minister van Financiën. Hij is met zijn Robbie neergestreken in St. Laurent, in afwachting van de gebeurtenissen in het vaderland. Wijngaarde wil zo snel mogelijk naar zijn hotel Torarica in Paramaribo. Door een verrekijker zie hij de tactiek van de verschroeide aarde wordt toegepast en hij is er verdrietig om. “ Het is triest, die chaos, maar hoe het nog triester dat Nederland dit laat gebeuren. Dat land is ook verantwoordelijk voor wat hier geschiedt. Het heeft destijds tijdens het Kabinet-Den Uyl Suriname de onafhankelijk door de strot geduwd. En als er dan om hulp wordt gevraagd voor de vluchtelingen hier en de ontheemden aan overkant, wordt er niet thuisgegeven. Waar zijn al die mensen die het in 1975 zo goed meenden met Suriname. Jan Pronk, de oude De Gaay Fortman, Joop den Uyl? Huilen in de kerk (red. Joop den Uyl) na de moorden in december kan ik ook, maar nu ze iets kunnen doen om een einde te maken aan deze burgeroorlog zijn ze er niet. "

Van Wijngaarde: " Waar zijn al die mensen die het in 1975 zo goed meenden met Suriname?" (red. De foto is gemaakt in Frans Guyana op de kade van St. Laurent.) Op dat moment openen patrouilleboten van de Surinaamse kant het vuur. De matrozen van Bouterses marine schieten uit verveling en balorigheid vier huizen op Surinaamse grondgebied in brand. (Elsevier 6 december 1986)

Ex-couplid Michel van Rey bij Brunswijk
In de commandogroep zit ook luitenant Michel van Rey. Hij heeft iets goed te maken in Suriname, want hij behoorde in 1980 tot de groep van 16 die op 25 februari van de jaar de coup pleegde. Hij was toentertijd voorzitter van de Nationale Militaire Raad die al lang ter ziele is. Daarna was hij als pion van de militairen minister van leger en politie in het kabinet Chin a Sen. Maar na de tegencoup van Fred Ormskerk is Van Rey Suriname uitgevlucht, omdat hij zich niet langer kon verenigen met het optreden van de militairen en de burgers die destijds Bouterse beïnvloedden. Vorig jaar is hij als socioloog afgestudeerd aan Universiteit van Nijmegen. Maandenlang heeft hij contact gehad met Brunswijk via cassettebandjes die geregeld door een koerier in Nederland werden afgeleverd. Enkele weken geleden is hij eens bij Brunswijk gaan kijken. Hij achtte toen de tijd rijp om van dichtbij militaire strategische steun te verlenen.

" Als Bouterse wordt gepakt, moet hij voor zijn leven vrezen. Maar Suriname zal pas aan een nieuwe toekomst kunnen beginnen, als Bouterse gevangen wordt gezet en na verloop van tijd voor een onafhankelijke rechtbank zou worden gesleept. Hij loopt dan de kans op doodstraf, maar wie weet wordt die wel omgezet in levenslang. Het gaat erom dat het volk een gevoel van rechtsgelijkheid krijgt. Als Bouterse naar het buitenland vlucht, zal Suriname om zijn uitlevering vragen. Voor vele anderen die met Bouterse hebben meegedaan, zal er nog slechts één plaats zijn in het land. En dat is de gevangenis.” (Elsevier 6 december 1986)

Bestand bij begrafenis Aboikoni
"Burgeroorlog voerende Surinamers, broederlijk bijeen rond de lijkbaar van het honderdjarige grootopperhoofd Aboikoni.
Suriname vorig jaar 1989, enkele weken voor de vliegramp. De mannen van Brunswijk en de mannen van Bouterse mogen elkaar bestrijden met woorden en wapens, er zijn nog altijd heiliger regels dan die van de burgeroorlog. De regels van het bos. Ze schrijven voor dat een Godsvrede in acht genomen moet worden zolang het lijk van een overleden grootopperhoofd boven de aarde staat. Bij Granman Aboikoni verliepen er drie maanden tussen zijn dood en zijn begrafenis. Rond de baar schaarden zich de mannen van Brunswijk,, de mannen uit Parmaribo die ze bestrijden en duizenden anderen, die het grootopperhoofd in het oerwoud de laatste eer kwamen bewijzen. Nauwelijks was de begrafenis voorbij, of het schieten begon weer. Totdat enkele weken na de begrafenis, Brunswijk een wankel bestand sloot met Paramaribo.

De kist wordt naar de begraafplaats gevaren, stroomopwaarts van Asidonhopa." (Vrij Nederland 8 juli 1989)
Na de begrafenis kunnen de uniformen kunnen weer aan, het Junglecommando paradeert. (Vrij Nederland 8 juli 1989)

Brunswijk vraagt Nederland om humanitaire hulp
Hij is in Nederland om humanitaire hulp te vragen en hij is nog altijd de absolute leider van het junglecommando. Brunswijk zei dat woensdagmiddag op Schiphol bij zijn aankomst vanuit Parijs.
Ronnie Brunswijk geeft na aankomst op Schiphol een radio-interview. In het midden een adviseur (Volkskrant 28 juni 1990). (Red., de adviseur is Johnny Kamperveen, zoon van een van de slachtoffers van de Decembermoorden.)

Vrede
Legerleider Bouterse en Junglecommando-leider Ronnie Brunswijk hebben elkaar plechtig beloofd dat gevechthandelingen voortaan tot het verleden zullen behoren. In het Bosnegerdorp Drietabbetje legden Bouterse en Brunswijk hierover een plechtige eed af. (Volkskrant 25 maart 1991)

Under construction

1 opmerking:

  1. Alle doden die na de onafhankelijkheid van Suriname in Suriname is gevallen is te wijten aan de Nederlandse vieze vuile politiek. Nederlanders zijn politiek onbetrouwbaar tegen over Suriname geweest. Kabinet-Den Uyl, Jan Pronk, de oude De Gaay Fortman zijn allemaal een stukje vuil geweest, toen bouterse de december 1982 moorden pleegde.
    Nederland is volgens de onafhankelijkheid verdrag van 1975 mede verantwoordelijk voor de gepleegde coup door bouterse in 1980 en verantwoordelijk voor de december moorden in 1982.

    BeantwoordenVerwijderen